Dag 13 Kožino – Döbriach

Hej!

Dag 13 Kožino – Döbriach

Vi vaknar upp i vår lägenhet i Kozino. Vandaag leren we hoe het kan dat het in sommige delen van de Balkan zo mooi groen is. Het regent pijpestelen! Joost zet de auto zo dicht mogelijk voor de deur van het appartement en we ruimen de auto in. Wel fijn dat je na twee weken een behoorlijke routine hebt wat waar moet, zodat je in de regen zo min mogelijk tijd bezig bent. En we denken met een valse gniffel ook even aan al die teams die vandaag hun zeiknatte tenten en ander campinggerei moeten inpakken…

De temperatuur is behoorlijk veel lager dan eerder. Op de matrixborden boven de Kroatische weg gaf de termometer gisteren 37 graden aan, vandaag zakt de temperatuur hard, tot 11 graden. Een verschil van 26 graden dus! Dat is niet het enige, het is echt behoorlijk hard gaan waaien. De snelwegen hier overbruggen regelmatig flinke afstanden tussen twee bergen en op die viaducten hebben we het even zwaar. Billy torst op het dak natuurlijk een drievaks Expeditkastje mee en dat fungeert nu als drie zeilen die met ons aan de haal gaan. We doen dus maar even extreem rustig aan. De maximumsnelheid is op sommige plekken vanwege het weer naar beneden bijgesteld tot 40 km/u en eigenlijk vinden we dat de wegbeheerders daarin gelijk hebben. De Zweden hebben veel minder last van de wind, maar zijn zo gezellig/vriendelijk dat ze hun tempo ook aanpassen. Het duur een halfuur en dan zijn we uit de grootste invloed van de kustwind weg en kunnen we weer doorrijden.

We rijden achter de Zweden aan en schieten behoorlijk op. Wij moeten iets vaker tanken dan zij, maar verder wordt er niet veel gestopt tot de lunch. We eten uitstekende schnitzels in een Sloveens restaurantje waar de serveerster naar onze auto’s rent om briefjes onder de ruitenwisser te leggen om het tegenovergelegen politiebureau ervan te weerhouden ons een parkeerboete te geven. Kortom: vriendelijke mnsen, goed eten en de Sloveense wegen zijn uitstekend: We zijn weer echt terug in de moderne wereld. Onderweg schiet het prachtige Sloveense landsdchap aan ons voorbij. We rijden de Alpen in en het is groen en bergachtig, maar de eerlijkheid gebiedt toe te geven dat we sinds Montenegro zo verwend zijn dat we ons er niet meer aan vergapen…

Onderweg besluiten we om door te rijden tot iets voorbij Villach in Oostenrijk en boeken kamers in een hotel in Döbriach, een mooi dorpje aan een meer. Bij aankomst rond een uur of vier checken we in, leggen onze tassen op de kamer en we gaan het dorp in. We lenen fietsen van het hotel – die slecht traopende Obikes die overal voor een habbekrats te koop zijn na het faillissement van de Sngaporese deelfietsengigant – en dalen af richting het meertje. Het is echt heel mooi hier en voor één euro per persoon mogen we in het openluchtbad van het dorp even het meer in. We zwemmen en daarna landen we aan op een nabijgelegen terras voor een biertje. Dit is wel iets anders dan het gehaaste tempo van een rally door de Balkan.

Na een douche in het hotel belanden we bij Schnitzelparadijs Charly’s op een paar honder meter van het hotel. We leren dat Oostenrijkers prima Engels spreken dn dat Zweden eigenlijk graag saus eten met iets erbij. Twee grote kannen saus die normaal niet eens geserveerd worden bij de prima schnitzels hier worden over hun borden uitgeschonken zodat de frietjes en Schnitzelparade drijven als balletjes in de soep. Rare jongens, die Zweden. Gelukkig houden ze wel van goede wijn. Op tijd naar bed voor de laatste etappe morgen!